Baanverlies - probleem of kans?

Gepubliceerd op 26 februari 2026 om 17:29

Informatie

Op NU.nl verscheen onlangs een artikel met een duidelijke boodschap: veel werknemers zijn slecht voorbereid op baanverlies. Terwijl de arbeidsmarkt zichtbaar verandert, blijven we massaal achteroverleunen. Lees het artikel hier.

Dat is geen verwijt. Het is een realiteit. En misschien nog belangrijker: het is een wake-upcall.

Baanzekerheid is geen vanzelfsprekendheid meer

Digitalisering, kunstmatige intelligentie, reorganisaties, geopolitieke onzekerheid, het speelveld verandert continu. Functies verdwijnen, inhoud van werk verschuift en verwachtingen worden hoger. Tegelijkertijd werken we langer door.

Toch investeren veel mensen nauwelijks actief in hun eigen ontwikkeling. Ontwikkelbudgetten blijven liggen. Loopbaangesprekken worden uitgesteld. Opleidingen worden “nog even niet nodig” gevonden.

Dat is begrijpelijk gedrag. Zolang het goed gaat, voelt veranderen niet urgent. Maar precies daar zit het risico.

Het Huis van Werkvermogen als kompas

Binnen Werk- en LeefVermogen werken we niet voor niets met het Huis van Werkvermogen. Het laat zien dat inzetbaar blijven geen losse actie is, maar een samenhangend geheel van vier bouwlagen:

  1. Gezondheid: fysiek én mentaal fit blijven

  2. Competenties: blijven leren en ontwikkelen

  3. Waarden & motivatie: weten wat je drijft

  4. Werkcontext & leiderschap: een omgeving die ontwikkeling stimuleert

Wanneer één verdieping verzwakt, komt het hele huis onder druk te staan.

Wie alleen vertrouwt op zijn huidige functie, maar niet investeert in vaardigheden, ondergraaft de tweede bouwlaag. Wie geen zicht heeft op wat hem of haar werkelijk motiveert, mist richting bij verandering. En wanneer leidinggevenden het gesprek over toekomst en vitaliteit vermijden, verzwakt de bovenste laag.

Voorbereid zijn op baanverlies betekent in essentie: zorgen dat jouw huis stevig staat.

 

Eigen regie is geen luxe, maar noodzaak

We zien in organisaties dat er vaak genoeg instrumenten beschikbaar zijn: opleidingsbudgetten, ontwikkelgesprekken, vitaliteitsprogramma’s. Maar middelen alleen zijn niet voldoende.

De doorslaggevende factor is eigen regie.

De vraag is niet:
“Wat doet mijn werkgever voor mijn ontwikkeling?”

De vraag is:
“Wat doe ík vandaag om over vijf jaar nog relevant te zijn?”

Dat vraagt moed. Het vraagt eerlijk kijken naar je huidige vaardigheden. Het vraagt het aangaan van gesprekken met je leidinggevende. Het vraagt soms ook het verkennen van mogelijkheden buiten je comfortzone.

Maar het levert iets fundamenteels op: grip.

Leiderschap maakt het verschil

Dit is niet alleen een individuele opdracht. Leidinggevenden hebben een sleutelrol in het normaliseren van het gesprek over inzetbaarheid. Niet pas wanneer er een reorganisatie dreigt, maar structureel.

Wanneer vitaliteit, ontwikkeling en loopbaanwensen vaste gespreksonderwerpen worden, ontstaat een cultuur waarin medewerkers vooruitdenken in plaats van reageren.

Dat is preventie in de zuiverste vorm.

Van dreiging naar beweging

Baanverlies hoeft geen doemscenario te zijn. Het kan een signaal zijn om wakker te worden.

Wie zijn werkvermogen actief onderhoudt, vergroot niet alleen zijn kansen op de arbeidsmarkt, maar ook zijn werkplezier, energie en veerkracht.

De echte vraag is dus niet of verandering komt. Die komt sowieso.

De vraag is: Staat jouw huis stevig genoeg om die verandering op te vangen?

En als het antwoord “misschien” is, dan weet je wat je te doen staat.

 

Meer weten over onze workshop 'Huis van Werkvermogen'? Klik dan hier.

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.